Zo, een duidelijke titel me dunkt!

Toen Patrick terug begon op te bouwen na de problemen met zijn ‘motor’, werd hij de ideale locomotief voor een herstellende loper als mezelf.
Ik heb altijd problemen gehad om een bepaald tempo te vinden en/of vast te houden, maar Patrick loopt als een metronoom. Op de verschillende Beukenbergtrainingen leerde hij me weer om langere versnellingen in te delen, onze rondjes op de Motten waren een lust voor hartslag en conditie.

Maar gisteren werd het allemaal nog wat beter! Patrick maakte baan 1 sneeuwvrij, zodat we na een lange opwarming een leuke 3000m konden afwerken in 11″48. Hij trok de eerste 1500m, ik de 2e. Eigenlijk was 4′15/km ons doel, het werd dus 3′56. Het grappige is dat, ondanks die goeie training, Patrick en Ronny toch niet tevreden waren. Het draaide niet soepel, slecht gevoel, … en dus was ik het deze keer die hen er op moest wijzen dat die training wél goed was, dat er veel progressie te zien was ten opzichte van twee weken geleden enzovoorts.
Meestal zijn het immers zij die als ik een ‘bwa, het ging wel’-training er had opzitten, er een ‘maar allé, dat was sterk!’-training van maakten. Vooral Ronny’s progressie is eigenlijk groot, ik zat constant op te letten of ik zijn ademhaling nog hoorde, een teken dat hij niet loste. En Ronny loste niet, zijn eerste lange tempo onder de 4′ in maanden. Chapeau.

De training van vandaag was er ook eentje met dank aan Patrick. Want omdat baan 1 nu volledig ijs- en sneeuwvrij was, kon ik mijn 200′en afwerken. Eigenlijk had ik afgesproken met Luc, maar ik moet dringend opnieuw begrijpend leren lezen: ik had me van afspraakplaats vergist.
8×200 dan maar in m’n eentje, met 2′ actieve rust. Begonnen aan 32″ en geëindigd aan 28″5, zonder forceren, totaal onverwacht. Mijn eerste specifieke intervaltraining was qua gevoel een schot in de roos.
Toch: dit is enkel de basis natuurlijk, er gaan nog veel zulke en ook veel zwaardere trainingen op’t programma staan. Maar dat vinden we dan weer een goed vooruitzicht!